Gertrude Krayenbosch (1960) heeft een fascinatie voor structuren en ritmes in de natuur en probeert die te vangen in haar wandobjecten. Steeds iets anders en toch steeds hetzelfde, net als in de natuur...

Als kind voelde Gertrude Krayenbosch zich al sterk verbonden met de natuur en met natuurlijke vormen. Ze verzamelde allerlei schelpen, stenen en andere materialen uit de natuur, waarbij ze in de loop der jaren steeds meer geïntrigeerd raakte door de zich herhalende vormen en structuren die ze tegenkwam, zoals het reliëf op het strand dat voort-durend verandert en - in een andere vorm - toch telkens weer terugkomt. Maar het bleef bij een leuke liefhebberij. Ook de kunstzinnigheid die ze als kind al had, beschouwde ze hoogstens als leuk om erbij te doen. Ze studeerde aan de Sociale Academie en ging agogisch werk doen. Toch is ze zich vanaf 1984 steeds meer bezig gaan houden met keramische vormgeving. Aanvankelijk ging haar interesse vooral uit naar het draaien. Later naar het handvormen. En toen kwamen toch weer die structuren bovendrijven ...
Alles is één
Al enige jaren [maakt Gertrude wandobjecten die ze Khanda's noemt. Het zijn rolletjes klei. ieder met zijn eigen vorm. die samen een eenheid zijn. In de klei zijn structuren gemaakt. die lijken op de huid van een slang of een vis of soms op boomschors. Ze gebruikt verschillende soorten klei, maakt dunne. dikke. korte-re of langere rolletjes en geeft ze verschillen-de structuren en kleuren. waardoor de objecten wel hetzelfde lijken. maar toch telkens net iets anders zijn. Daardoor roept elke Khanda een ander gevoel op.
Voor Gertrude is de enorme kracht van de

Universele vormen
De Khanda's zijn zo'n 40 tot 50 centimeter groot en zijn meestal gemaakt van witte klei van Vingerling K123 of K140, soms van Franse gres of terracotta. Gertrude heeft een voorkeur voor het gebruik van slibs met kleurpigmenten, omdat deze meer een eenheid vormen met de scherf .
Glazuur ligt er teveelbovenop naar haar smaak. De biscuitstook is op 940 °C; na het aanbrengen van het slib stookt ze op 1020 °C. Tot nu toe heeft ze twee-dimensionale wandreliëfs gemaakt, maar ze is nu ook bezig met driedimensionale objecten. Voor haar betekent dat een verdere verdieping van haar werk, letterlijk en figuurlijk. Ze zegt zelf dat mensen haar werk of heel leuk vinden, of juist helemaal niet. 'En de eerste reactie van mensen is vaak dat de structuur en de vormgeving zo opvallen, zo bijzonder zijn. Daarna komt pas de reactie: 'Oh, er zit misschien ook een betekenis aan." Haar werk roept associaties op. `Vaak denken mensen dat het iets is uit een andere cultuur. Hoewel de vormen helemaal uit mezelf komen, zie je in musea ook vaak .universele vormen, die terug te vinden zijn in alle culturen.' Steeds iets anders, en toch steeds hetzelfde..

door Yna van der Meulen

Van 25 februari tot 1 april exposeert Gertrude Krayenbosch haar werk bij het Ministerie van Financiën, Korte Voorhout 1 in Den Haag, toegankelijk tijdens kantooruren. Haar werk is permanent te zien bij galerie/ winkel Klei-Kunst, Oostdorperweg 42 in Wassenaar, (010) 511 28 33. Openingstijden: woensdag tot en met zaterdag van 13.00 tot 17.00 uur.
En voor meer informatie kunt u ook contact opnemen met Gertrude zelf:
06-30092561

natuur zichtbaar in haar vormen. De natuur neigt voortdurend naar de optimale vorm en straalt daarin harmonie en eenheid uit. Dezelfde steeds terugkerende patronen zijn terug te vinden in Gertrudes wandobjecten. Ze weerspiegelen de symboliek van eenheid.
Artikel - uit KLEI januari 2005 - www.klei.nl
`Khanda is een begrip uit het boeddhisme. Vrij vertaald betekent het `De weg naar eenheid'. Zoals de verschillende aspecten van een mens samen een eenheid vormen, zo is in de natuur alles één,' legt Gertrude uit. `Ik voel me verbonden met alles. Ik ben geboren in Scheveningen en vooral wanneer ik langs het strand loop, ervaar ik die verbondenheid heel sterk door de openheid en de weidsheid daar.'

Voor haar gaat dat gevoel van verbondenheid heel diep. Ze vertelt hoe ze laatst werd geraakt door een grote groep vogels die overvlogen. `Als één lichaam voerden zij een dans uit. Dat is dan zó bijzonder... Alsof ze verbonden zijn met elkaar. Dat lijkt haast wel een collectief bewustzijn.' Ze refereert aan de theorie van de Britse biochemicus Rupert
Sheldrake, die ook gefascineerd is door dergelijk gedrag van dieren. Hij gaat ervan uit dat er een morfogenetisch veld bestaat, een soort collectief geheugen of bewustzijn, dat bestaat buiten de organismen om. Dieren kunnen hier gemakkelijker op afstemmen, halen hier wellicht instinctief hun informatie uit.
Steeds iets anders en toch hetzelfde